Wat heeft de wereld aan goeds voortgebracht na de verschrikkingen van de Nazitijd en de Tweede Wereldoorlog? Veel, al is humanitair gesproken de wereld nog steeds een puinhoop, hebben we een pandemie aan de broek, leven er veel te veel mensen in armoede, heeft niet iedereen een fatsoenlijk dak boven het hoofd, geen stromend water, riolering, elektriciteit, geen baan en brak onderwijs, zijn de mensenrechten in een heleboel landen bepaald niet in orde, is er groot gebrek aan democratie en persvrijheid en staan de media zo nu en dan vol met fake nieuws. We hebben het niet eens over sterk toenemende inkomensverschillen, klimaatverandering, plastic soep en nog veel meer problematiek.
Als ik naar techniek kijk (het belangrijkste onderwerp van dit blog), is er enorm veel bereikt. We hebben internet. Mensen zijn op de maan geweest, er rijden karretjes op Mars, er zijn exoplaneten ontdekt. Medisch: denk aan CAT en MRI scan, antibiotica, vaccinaties, DNA technieken. Heel veel is mogelijk gemaakt door de komst van halfgeleidertechnieken. Computers, iPhones en lasers zijn producten van deze technieken. Twee hele mooi voorbeelden zijn: het zonnepaneel en het ledje. Allebei halfgeleiders. Mijn opa kneep zijn duim in spierkramp met zijn knijpkat model 1945: een blikken dingetje met een veer, dynamo, tandheugel en fietslampje. Efficiency: bijna nul. Made by Philips, dat weer wel. En wat heb ik in de kast: een lantaarn met ledjes, lipo accu, crank en een zonnepaneeltje op de achterkant. Tien slagen met de crank en ik heb een week fel licht. Efficiency: gigantisch. Ben ik lui dan leg ik het lantaarntje in de zon, dan laadt hij vanzelf op. Succes gegarandeerd. Made in China.
Wie de productie van zijn zonnepanelen bijhoudt zag afgelopen maand ademloos toe hoe het ene record na het andere werd verpulverd. Mijn oudste panelen gaan alweer 20 jaar mee, maar er zijn weinig aprilmaanden die betere opbrengsten gaven te zien dan afgelopen april. Goeie hemel, de supergroene stroom klotste langs de plinten, wat een opbrengst. Tel daarbij op zuiniger apparaten en de teruglevering maakte overuren!
Een van de niet-officiele websites waarin zonuren in ons land statistisch bij worden gehouden is Frank’s Weer: leuke site vol met begrijpelijke en onbegrijpelijke tabellen, mooie overzichten, prachtige foto’s en functionele links. April 2020 had in De Bilt 281 zonuren, dat is ver boven gemiddeld maar geen record. 2011 schijnt beter geweest te zijn. Kijken we in de eigen datamijn: in april 2011 produceerden mijn zes oude Shellpaneeltjes bij elkaar 62,2 kWh. April 2020 gaf 57,9 kWh. Precies in lijn met de gegevens in De Bilt. Ik heb vanwege de enorme variatie in ons klimaat weinig inzicht over veroudering van panelen. Bovendien is het zo dat tussen 2011 en nu een trits van steeds andere omvormers de productie hebben ondersteund. Soladin 120’s en OK4E’s kwamen en gingen. Tegenwoordig doet een Solis 700 mini het omvormerwerk. Naar tevredenheid.
Ik zag zojuist een berichtje op Solar Magazine dat er in 2019 door PV Cycle in België bijna 300 ton afgedankte zonnepanelen zijn gerecycled. Meestal zijn dit zonnepanelen die op de een of andere manier zijn beschadigd, bijvoorbeeld tijdens hagelbuien. Men is in 2017 begonnen met het recyclen en men voorziet sterke groei in de komende jaren.
Tennet heeft bekend gemaakt dat het platform gereed is waarmee men kan inhaken op het groeiende aantal elektrisch auto’s. Net als hun fossiele broertjes staan deze gewoon 99% van de tijd netjes geparkeerd niks te doen. Dat is zonde. In plaats van enorme batterijparken te bouwen voor net-balancering zoals dat hier en daar gebeurt, of een gascentrale stand-by houden, kan je net zo goed de crowd en de cloud in, ofwel via laadpalen, een blockchain techniek en een [echte] slimme meter de accu’s benutten in miljoenen auto’s die toch stil staan. Of de accu’s van huishoudens benutten die zonnestroom erin opslaan. Tegen een kleine vergoeding. Ik heb begrepen dat de technieken niet werken met de huidige slimme meter en dat de software in auto’s ook een update behoeft. Ook moeten er [uiteraard] thuisbatterijen zijn met uitwisselings-software om met het hele proces mee te doen.
Een en ander komt op een moment dat het aantal e-auto’s sterk groeit en belangstelling voor accu-opslag van zelfopgewekte (zonne)stroom ontwaakt.
De timing van het persbericht is perfect: op een moment dat we weten dat Wiebes de salderingsregeling om zeep heeft geholpen. Nu kan onze minister Wiebes weer een nieuw heffinkje gaan bedenken om e-automobilisten en zelfopwekkers het leven mee zuur te maken.
bron: bericht NOS
Bijna elk jaar verrast de maand april ons met een periode met strakblauwe lucht, felle voorjaarszon en een voor zonnepanelen aangenaam koele wind. Dit jaar maken we een buitengewoon lange periode van dit type weer mee: een streak. De huidige streak begon eigenlijk al drie weken geleden. dat is zeer uitzonderlijk. Ik heb er een bericht aan gewijd op 27 maart.
Nu, nauwelijks twee weken later, duurt die streak maar voort. Gisteren (19 april) was een perfecte dag met ononderbroken felle zonneschijn, stevige koele bries, voorjaarsweer pur sang. Zeer zeker voor de zonnepanelen die nog nooit zo vroeg in het jaar zo veel hebben opgeleverd.
De productiegrafiek van zondag 19 april ziet u op het plaatje. De eenheid is watturen per uur, een wat ongebruikelijke maat veroorzaakt door de output van mijn Arduino logger. In de ochtend schijnt de zon op het voordakvlak (gericht op het zuid-oosten), piept rond het middaguur over het dak heen om (ook) de panelen op het achterdakvlak te gaan beschijnen (orientatie noordwest – beetje rare orientatie maar dat heeft te maken met de gemeente Leiden met haar bizarre welstandseisen). Die ‘achter’panelen zetten een behoorlijke portie productie bovenop de prestaties van de ‘voor’panelen. Vandaar het ‘gehaakte’ profiel. Rond 27 maart was die schouder nog een profiel’piepje’. Nu niet meer. Oost-westplaatsing van panelen is lang niet zo gek want de productie gaat langer door gedurende de dag. En verreweg de meeste productie valt toch in de lente, zomer en najaar.
Je moet voorzichtig omgaan met bejaarde apparaten.Ze kunnen fragiel zijn. Toen ik gisteren diep in een kast op zolder de voorraad oude OK4E omvormertjes inspecteerde ontdekte ik daar een oude bekende, nummer 13008. Dit is een heel speciaal omvormertje, want hij was de enige werkzame overlevende van de zes omvormertjes die oorspronkelijk achterop de panelen van mijn allereerste set zaten gemonteerd. Dat was in juni 2000. In 2003 is hij met vier vriendjes naar binnen gehaald (twee waren er al overleden) waar hij tot vorig jaar dienst heeft gedaan. In augustus 2019 werden de zes panelen aangesloten op een string-inverter. De ingebouwde teller van 13008 gaf bij de feestelijke pensionering het getal 1237808 aan, ofwel bijna 1.238 kilowattuurtjes productie aan supergroene zonnestroom. In een bui van nostalgie nam ik het omvormertje uit de kast, blies het stof eraf, poetste hem op en dacht “zou hij het nog wel doen?”. Immers: rust roest.
Zo nu en dan moet je een gepensioneerde iets laten doen wat hij leuk vindt. Je moet hem aandacht geven. Nu kunnen we aan omvormers geen anthropomorfe kenmerken meegeven, maar het heeft iets. Ik heb dus een van de werkzame OK4E’s van zijn paneel af gehaald en nummer 13008 ervoor in de plaats gezet. En ja hoor: prachtige productie. Weet je wat, we laten 13008 nog even genieten van zijn uitstapje van een muffe zolderkast naar de prachtige werkelijke wereld. Hij heeft het verdiend!
Bij het bekijken van de weekproductiecijfertjes in de spreadsheet viel me het getal op dat deze week in de kolom ‘percentage teruggeleverd’ staat. Afgelopen week was een van die zeldzame weken dat elke dag de zon uitbundig schijnt en de zonnestroom van de panelen af spat. Liefst 79% van alle door mijn panelen opgewekte stroom is afgelopen week linea recta via de meterkast de straat in gegaan. In mijn vooroorlogse wijk kan dat nog een probleem geven met het toenemende aantal zonnepanelen bij buren, want de netspanning was op een gegeven moment 245 volt.
Nou ja, ik heb al eerder beweerd dat ’terugleveren’ een term is die is uitgevonden door jaloerse netbeheerders, want er wordt helemaal niks terug geleverd. Die stroom komt direct van mijn panelen af, het is dus gewoon ‘productie’ of zo u wilt, ‘overproductie’. De realiteit is dat ik geen kans zie alle zonnestroom te consumeren. De koelkast is al een A+ ding, de tv heeft geen stroomslurpende kathodebuis meer, de pc is een uiterst zuinig passief gekoeld doosje waarmee ik de hele dag kan videoconferencen zonder dat het verbruik boven 50W komt, heet water komt uit de zonneboiler (afgelopen week constant op 80 graden). Elektrisch koken zet weinig zoden aan de dijk. De cv is uit en de airco hoeft nog niet aan. Het wachten is op Wiebes die over een paar jaar alle overproductie in dank zal afnemen.
Problemen met zonnepanelen kunnen best hardnekkig zijn. Neem deze. Heb je een omvormertje vervangen, gaat het twee dagen later wééer mis. Nul Watt productie op een superzonnige dag. Dat is niet te pruimen. Dus het hele spul van het dak af gehaald en alles eens heel grondig geïnspecteerd. Het is allemaal oud spul, dus nogal weerbarstig en vies geworden. Bivakkeer zelf maar eens 20 jaar op het dak. Een bekend euvel bij dit type panelen is dat achterop twee reusachtige junction boxen zitten, vol met diodes, blikken plaatjes en aansluitschroeven. Aanvoerende en afvoerende kabels hebben een schoentje dat met een ondermaats schroefje is vastgezet, zonder veerringetje. Deze panelen liggen al iets van 19 jaar op het dak en dan gaan schroefjes corroderen, of ze zetten uit en krimpen, kortom gaan los zitten. Je houdt het niet voor mogelijk! MC-4 connectoren waren19 jaar geleden nog niet uitgevonden. In dit geval zat het schroefje los waarmee de min-kabel is gemonteerd. In zo’n geval heb je wel spanning maar er loopt geen stroom doorheen – productie nul Watt. Ik heb dus alle schroefjes losgemaakt, ontdaan van vuil en vet, opgeschuurd en keurig vastgedraaid. Ook de junction boxen werden zorgvuldig schoongemaakt en alle bedrading van begin tot eind nagelopen (de omvormertjes hangen binnen, onder het dak). En bingo! er kwam weer prettig vermogen uit. Dit zijn 120 Wp panelen en dat tikt dus bij zonneschijn lekker aan in de lente. Ding weer het dak op, testen, en hij mag er wat mij betreft weer 20 jaar liggen. Ook het vervangen OK4E omvormertje deed het weer prima. Leve veteranen!
Dus: houd uw panelen scherp in de gaten. Meten = weten!
Het lijkt een soort herhaling te worden: het voorjaar breekt uit en een zonnepaneel stopt ermee. Eigenlijk is de oorzaak vrij natuurlijk: de zon schijnt steeds feller en met name bij koud weer met schelle voorjaarszon die zo nu en dan achter wolken verdwijnt en weer plotseling tevoorschijn komt, krijgen de oude OK4E omvormertjes plotseling klappen zonnestroom om te zetten. De belasting loopt dan in een paar seconden op van nul naar vol vermogen. Doe dat maar eens 20 jaar lang, jaar in jaar uit.
Enfin, elk voorjaar loop ik al mijn panelen na – extra alert na het gesodemieter vorig jaar – en ja hoor: een paneel (120 Wp, geïnstalleerd in 2001) gaf wel spanning maar geen stroom. De diagnose is dan snel gesteld: omvormertje gesneuveld. Gelukkig heb ik genoeg nieuwe en veteranen in de kast liggen om meteen tot vervanging over te gaan. En hup! het paneel produceert weer keurig de 93 W die een OK4E maximaal kan leveren.
Houd uw panelen in de gaten. Meten = weten!
De wethouder in Leiden met portefeuille ‘Duurzame Verstedelijking, Ruimte & Wonen’ wil liefst op alle daken van Leiden zonnepanelen. Dat mag helemaal niet, zeggen de welstandsregels. Dat is lelijk, ongewenst en het beschadigt onze mooie stad, liet de Historische Vereniging Leiden (HOVL) in een artikel in de krant weten Gevolg is dat met name in de oudere gedeelten van Leiden zonnepanelen op de vingers van één hand zijn te tellen. De voorgestelde wijzigingingen van de welstandsregels zijn zó minuscuul en brengen zó veel bureaucratie met zich mee dat op dat punt niet veel te verwachten is. Er heerst een sfeer van “niets mag”, en ook dat werkt averechts. Leiden staat op een beroerde lage plek in de reeks Nederlandse gemeenten waar het gaat om aantallen Wattpiek per inwoner.
Misschien kan ik de arme wethouder opfleuren met een bericht dat ik van een aficionado van mijn blog kreeg: in Zwitserland zijn prachtige zonnepaneeltjes te koop die de vorm, afmetingen en kleur hebben van leien. Je zou er zo de complete daken van de Pieterskerk, Hooglandse kerk, Gravensteen en het Academiegebouw mee vol kunnen leggen zonder dat ook maar iemand het zou opmerken (behalve de HOVL uiteraard).
bericht in Solar Magazine: Swiss solar tiles for new and historic buildings – in photos
met dank aan GV voor het opmerkzaam maken