Er stond vanochtend een snerpend oostenwindje, een paar graadjes onder het vriespunt. Gevoelmatig bitterkoud. De warmtepomp stond rustig te draaien, aanvoertemperatuur 33 graden, zonnetje op de gevel, prima toch? Jawel, op de begane grond en de eerste verdieping. Maar op zolder? Aan de naar het oosten toegekeerde kant knetterkoud. Aan de naar het westen gekeerde kant redelijk. Wat wil het geval: Aan de westkant (tuinkant) is er een dakkapel, maar die is zwaar geisoleerd. Er zit HR++ glas in de kozijnen. Aan de oostkant niet. Dat is de straatkant en dan moet je vergunning aanvragen bij de gemeente. En die weigerde vergunning omdat ik zo vermetel was geweest om voor te stellen meteen het verrotte kozijn te vervangen door kunststof. Dat was de ambtenaar in het verkeerde keelgat geschoten. “PLASTIC”, meneertje, dat KAN toch niet in een Beschermd Stadsgezicht! Waar moet dat heen als iedereen PLASTIC in zijn huis gaat laten plaatsen. De Chinese toeristen blijven weg!
Die zat. Ambtenaren hebben altijd gelijk. Geen HR++ glas dus, en wachten op de Chinese toeristen. Dat is alweer 5 jaar geleden. Intussen is de hele wijk een Potemkindorp veranderd, maar dat deert de ambtenaar niet. En mijn woning is van het gas af. Geen kolenkachel, dat mag weer wél. Ik weet niet of dat cultuurhistorisch wel zo verantwoord is, meneer de ambtenaar. En nog steeds geen Chinese toerist gezien die bewonderend naar mijn dakkapel wijst terwijl hij selfies maakt.